Over het algemeen ben ik soms een erg ongelukkig persoon. En omdat dit mij een beetje in de weg begon te zitten, heb ik besloten dit te gaan veranderen. Ik wil graag kunnen genieten van de kleine dingen in het leven.
Zo wil ik naakt door een veld met paardenbloemen kunnen rennen en me dan inbeelden hoe jeugdig ik me voel en me dan zó extreem gelukkig voelen dat dit mij genoeg energie geeft voor de rest van de week. Ik heb dit geprobeerd, met kleding aan, door een net nat geregend grasveld, en ik werd niet gelukkig. Eerder verdrietig, omdat mijn schoenen zeiknat waren en het was koud. Dus ik verplaatste mij snel weer huiswaarts en besloot het anders aan te gaan pakken. Ik besloot andere mensen gelukkig te maken zodat dat mij indirect ook weer gelukkig en blij en vrolijk zou maken. Dus ik ging naar de Albert Heijn, kocht wat dingen, en koos bewust niet voor de zelfscan kassa, maar ging bij een niet zo heel blij ogende mevrouw aan de kassa staan. Lachend. Tot mijn kaken zeer begonnen te doen. Toen ik aan de beurt was keek ze me niet aan, en ze scande mijn boodschappen zonder ook maar iets te zeggen. Ze vroeg om mijn identiteitsbewijs, want tussen al mijn gezonde repen chocolade en zakken chips bevonden zich ook enkele alcoholische versnaperingen. Dus ik gaf mijn rijbewijs, lachend, met zere kaken en een lichte frons. Want ik deed echt heel veel moeite om ook maar een klein lachje van deze mevrouw te krijgen, maar ze gaf maar niet toe. Dus toen ik afgerekend had liep ik met hangende schouders de winkel uit, mezelf afvragend wat ik nou fout had gedaan. Ook dit bleek niet echt een goede methode te zijn, want ik begon een beetje aan mezelf te twijfelen. Thuis aangekomen begon ik na te denken. De reden dat ik soms een beetje ongelukkig ben, is voornamelijk omdat ik het positieve van kleine dingen niet in kan en wil zien. En toen ik dit allemaal op een rijtje had, ging er een wereld voor me open. Want er gebeuren met toch wat kleine, positieve dingen! Ik zal een aantal voorbeelden geven.
Als we klaar zijn met werken drinken we vaak na afloop nog een biertje. En soms, als het echt heel wild wordt, drinken we er misschien wel nog een. Wat er dan gebeurd is dat alle gebruikte bierglazen worden verzameld, weer vol worden getapt, en in willekeurige volgorde worden uitgedeeld. Dit zorgt ervoor dat er een hele grote kans bestaat dat je indirect met iemand aan het tongen bent, omdat je niet je eigen glas terug hebt gekregen. Ik vind dit vies. Dit is dan ook de reden dat ik vaak heel langzaam drink zodat ik mijn eigen biertje mag tappen, omdat ik geen zin heb in ongewilde uitwisseling van speeksel. Maar nu het volgende. Laatst had een collega alvast de eerste ronde getapt, gaf mij mijn glas en deze was duidelijk anders dan de andere glazen. Hij zei ‘’Omdat ik weet dat je het vies vindt als je iemand anders zijn glas krijgt. Nu weet je welke van jou is.’’ En nu denken jullie ‘’Jeetje, Joni, wat een stom voorbeeld.’’ Maar dit kleine gebaar deed mij heel erg gelukkig voelen.
Een ander voorbeeld, laatst ging ik met twee collega’s naar de bioscoop. Het plan was dat ik taxi ging spelen en ze beiden zou ophalen, en ze dan na afloop weer thuis zou brengen. Iedereen stemde daarmee in, dus het was geregeld. Toen kreeg ik een spraakbericht van één collega waarin hij zei dat hij misschien vanuit Ermelo naar de bioscoop zou komen, en ik hem dus niet op hoefde te halen. Enkele seconden later kreeg ik nog een bericht waarin hij zei dat hij hierdoor alleen maar ‘’chaos in mijn plan en hoofd’’ heeft gebracht. Dat klopte, maar alhoewel ik inderdaad even moest bijkomen van deze extreme afwijking van het plan deed het me ergens ook wel weer goed dat er gedacht werd aan mijn ietwat gekke gewoontes. En dit maakte me stiekem ook een beetje gelukkig.
Mensen om mij heen weten dat ik nogal vies ben van anderen, en een goede vriendin van me stond er een tijd geleden op dat ik een slok moest proeven van haar ijskoffie. Ik wees dit beleefd af, want ze had al een slok genomen met haar rietje en ik vind het dan echt heel smerig om door dat zelfde rietje te lurken. Ik hoefde niks te zeggen, want toen ik ‘’nee, bedankt’’ had gezegd stond ze uit zichzelf op, beende naar de kassa, en vroeg om een nieuw rietje. Ze gooide deze niet zo heel liefdevol in mijn richting, en liet me proeven.
Mensen die geen saus hoeven bij hun kipnuggets van de McDonalds maar toch tegen de mevrouw achter het raampje van de McDrive zeggen dat ze het wel willen, alleen maar omdat ze weten dat ik zo saus verslaafd ben en het het liefst gewoon opdrink, zijn ook fantastisch.
Op het moment dat ik dit typ voel ik me steeds een beetje vrolijker worden, omdat ik echt een hele waslijst kan bedenken met kleine momenten waar ik me gelukkig door voel of door had moeten voelen. Ik voel me soms een beetje alleen op de wereld, en niet begrepen, maar ik moet mezelf aanleren om van de kleine dingetjes te genieten. En als ik dit allemaal zo terug lees, ben ik al een heel eind.